• Beitels Antiekrestauratie Bussum

Historie

Vakmanschap blijft meesterschap in Bussum

Met veel liefde restaureert Paul Seibert (1944) al zo’n 25 jaar antieke meubels. Maar door fysieke problemen kan Seibert het werk niet meer aan.

Zijn atelier Antiek Care in Bussum dreigde daardoor te moeten sluiten. Tot zijn geluk heeft Seibert echter een opvolgster gevonden. Foekje ten Cate (1978) neemt het atelier over.

De jonge Paul Seibert wist niet dat hij restaurator van antieke meubels zou worden. Hij was aanvankelijk werkzaam in sales en marketing. Antiek en restaureren boeiden hem van jongs af aan wel, maar meer als hobby. Via het ‘meelopen’ bij restauratoren, veel doen en veel lezen rolde hij begin jaren tachtig toch in het vak en is er sindsdien verliefd op gebleven.

De Naarder begon met zijn atelier in Huizen. Via omzwervingen in Elburg en ‘s-Graveland kwam hij in Bussum terecht aan de 1e Industriestraat.

Daar is de plek zeer goed, vertelt Seibert. “Het is een vierkante ruimte waardoor je van alles kunt neerzetten en er goed aan kunt werken.

We werken volgens de ethische code: het meubel mag geen geweld worden aangedaan; restaureren doe je in de trant zoals het gemaakt is en je moet werken met omkeerbare methodes. Dat betekent dat je oude houtsoorten gebruikt en de lijmsoorten die toentertijd in zwang waren, toepast.” Seibert vertelt het verhaal temidden van antieke kasten, tafels en andere meubelen en een scala van gereedschap: zagen en zaagjes, lijmklemmen in allerlei soorten en maten, hamers, beitels, schaven, boren, enz.

Het ademt de sfeer van de bekende reclamefilmpjes van Grolsch: ‘Vakmanschap is meesterschap’, merk ik op. En ja hoor, Seibert blijkt wel eens in zo’n filmpje te hebben gefigureerd.